R.D. Verhoeven
Volkstellingen
Herkomst en migratie
Historische feiten
Relaties & verhoudingen
Matthei Allaerts
Turnhout
Immigratie
RK trouwboek Bokhoven
Schepenbank
Verkoop huis
Huizenonderzoek
Resoluties
Beroepen
Doopboeken van Hedel
Rekenkamer Gelderland
Dagelijks leven
Boerderij in Hedel
Werken
Pachten van landerijen
Chijsen Hedel 1728-1729
Het groot veer
Huizenonderzoek
Hypothese
Beroepen
veldnamen van Hedel
Polderbelasting
Huwelijk kinderen
Jan & werkgevers
Wonen in Puttershoek
Overlijden
Boedelinventaris
Kerkarchief N.H. Kerk
De Rustenburg
De Oostmolen
Familierelaties
Huizenonderzoek
Reizen
Regenten

Voorstraat

Mijnsheeren Herreberg
Gelegen aan de Voorstraat, vermoedelijk iets ten oosten van Vroom en Dreesman.

Op 6 april 1737 verkoopt Johan de Witt en Maria Catharina van Heydenreyck, beide wonende in Brussel voor 2000 gulden
"een huys en erve, van outs genaamt "Mijnsheerenherreberg", staande en gelegen op de Voorstraat binnen dese stadt (Dordrecht) terzeijde en agter het huys van de heer Kloens, terzijde en agter het huys van monsieur de Vos uijtkomende agter in de Steenstraat. Idem het koetshuys, stallinge en woonhuys".
(Bron: GAD: Oud Notariel Archief Dordrecht 1589-1842, inv.nr. 920, akte 16, fol., 205, 1737)

Achterzijde Steenstraat

287. Akte van hypothecairing berustend op een huis met erf gelegen aan de Voorstraat bij de herberg 'Mijnsheren', 1575 (afschrift).
(Bron: GAD: Toegangsnummer: 21-Overvoorde (O)
Archieftitel: Gast- of ziekenhuis, voorheen het Heilig Sacramentsgasthuis geheten
1.2. Stukken betreffende bijzondere onderwerpen, 1.2.6. Eigendommen, 1.2.6.2. Pandponden en huisrenten)

Naam object: in de omgeving van Mijnsheerenherberg
Koper: Pieter Muijs, notaris

Akte van overdracht dd. 11-03-1692, Dordrecht, Voorstraat in de omgeving van Mijnsheerenherberg. Koper: Pieter Muijs (notaris), buur: Michiel Labeen
Adam van Tiel (weduwe van) Curator: Adriaen Hagoort (notaris) Bedrag f. 1600
(Bron: GAD: Archiefnummer 9, ORA van Dordrecht, Inv.nr. 797, Folionr. 91, Aktenummer 1)

Naam object: object Kasteel van Breda; in de omgeving van Mijnsheerenherberg
Verkoper: Cristina Hamer (weduwe)
Koper: Petrus Hamerus (dominee)

Akte van overdracht dd. 25-02-1700. Dordrecht, Voorstraat, verkoper: Cristina Hamer (weduwe), koper: Petrus Hamerus (dominee). Overige personen: Adam van Tiell (overleden) bedrag f. 2100,
(Bron: GAD: Archiefnr. 9, Oud-rechterlijke archieven van Dordrecht, Inv.nr. 802, Folionr. 19, Aktenr. 1)

Steenstraat

E(manuel) van der Steenstraat

Eigenaar van St. Jansgasthuis

St. Joris ten Doele

Het gebouw van de schutters in het Steegoversloot, de Sint-Jorisdoelen (het oudste deel van de huidige rechtbank) Steegoversloot. Volgens ons is dit dit gehele gebouw verdwenen afgebroken en vervangen door de rechtbank.

De Doelstraat
In de Doelstraat stond de Kloveniersdoelen. Daar werd in 1618-1619 de Nationale Synode gehouden, van groot belang in de protestante kerkgeschiedenis. Het gebouw werd ondanks hevig protest in 1857 afgebroken.

St. Joris Doelen, Dordrecht, 1774



Kuipershaven

Straatbordje Kuipershaven nummer 18.

RK Statie, Kuipershaven

Hier lieten Jan Matthee (de jonge) en Agnita Borrebach de kinderen tussen de jaren 1736-1742 dopen. Wilt u meer weten over de geschiedenis van deze St. Bonifatiuskerk. (Klik op kerk).

Wolwevershaven



over het wolambacht

De naam Heizijde, het ‘gehucht aan de rand van de heide’, verraadt dat deze groene buitenrand van Turnhout ooit een ander uitzicht had. Het was een bultig heideland met hier en daar een stuifduin, waarin herders met hun schaapkuddes rondzwierven. Enkele wevers kwamen zich in het gehucht vestigen en sponnen en weefden de schapenwol tot stevige stof, de tijk. Het oprichten van een blekerij in de 17de eeuw was een zegen voor deze tijkwevers. Voordien moesten ze immers naar Dordrecht of Rotterdam om hun garens te bleken. Nu kon het op de Heizijde zelf.
(Bron: http://www.turnhout.be/pag_doc.asp?vid=152)

Onder drapiers of wollewevers, die lakens vervaardigden, waren er ook die wol kochten en lakens door anderen in huisarbeid lieten maken. Zij werden kooplieden van wol en wollen lakens genoemd: het waren ondernemers, tevens handelaars. Bij de handelaars bevonden zich kleine drapiers, die hun eigen lakens verkochten maar ook grote voor wie vele wevers werkten. Deze wevers, die voor hun werk weversloon betaald kregen, werden reijers genoemd. Zij kregen de wol van hun opdrachtgever en lieten deze spinnen, vaak door hun vrouw. De drapiers voor wie zij werkten noemde men van lieverlee fabrikeurs.
(Bron: http://members.brabant.chello.nl/~w_vanbommel/michielartikel.htm)

Request van de regerende borgemeesters, raadsmannen, keurmeesters, dekens en ‘zegelaten’ van het wolambacht en anderen in de vrijheid Oisterwijk i.v.m. met de financiële administratie van de gecollecteerde landslasten – dd. 16 juli 1719.
(RAAD EN RENTMEESTER GENERAAL DER DOMEINEN, Toegangsnr. 9, Inv.nr. 21) (http://lopabo.fontys.nl/jan_prive/Raad_Rentmr_Gen_Domeinen/RRG.021.doc)